PGMBD

ZWO

PAS-Algemeen
GEMEENTELEDEN AAN HET WOORD
Samen slaan we nieuwe wegen in. Ook na het samengaan van onze kerken is het goed om elkaar beter te leren kennen. In dit nummer van Onderweg leggen we een aantal vragen voor aan Bea Hofmeyer (voormalig PGGBU) en Bert Bosman (voormalig PGSG).

Waar en wanneer groeide je op en in welk soort (kerkelijk) gezin? Hoe is nu je gezinssituatie?
BERT: Ik ben in 1964 geboren in Sittard en getogen in Echt in een Rooms-katholiek gezin. De eerste heilige Communie werd feestelijk gevierd en dat kan ik me nog goed herinneren. Ik was knap zenuwachtig voor de plechtige Eucharistieviering waar ik voor het eerst de communie zou ontvangen. De kerk zat stampvol en alle communicantjes zaten op stoeltjes rond het altaar. ’s Middags was er een groot feest thuis waar de hele familie kwam. Ik voelde me de hele dag echt in het centrum van de aandacht staan. Tot mijn 18e jaar gingen we elke week naar de kerk, maar daarna kwam de klad er wat in. Bij de diensten in de katholieke kerk werden vaak dezelfde riedeltjes opgedreund. Dat boeide mij en mijn ouders steeds minder. Ik heb Monica leren kennen op mijn 22e op een jongerenvakantie in voormalig Joegoslavië en heb via haar de Protestantse kerk leren kennen. Wat een verschil was dat. Ik kan me de eerste dienst in de Johanneskerk nog goed herinneren. Er was een toneelstuk waarin Ds. Ferdinand Borger gehuld in lompen een arme bedelaar speelde. Ik kon maar amper geloven dat hij de dominee was. Monica en ik hebben twee kinderen, Marjolein inmiddels getrouwd met Jeffrey en Robbert die tijdelijk weer thuis woont. En we zijn de trotse opa en oma van kleindochter Nina van bijna anderhalf jaar oud.
BEA: Ik ben in 1943 in Leidschendam geboren als vierde kind, er waren al 2 broers en 1 oudere zus
Na mij zijn nog 3 meisjes en 2 jongens geboren. Mijn vader kwam uit Zeeland uit een Hervormd gezin ( met gereformeerde grondslag) Moeder uit Bleiswijk en was Ned. Hervormd. Alle kinderen zijn gedoopt en streng opgevoed. Zondags twee keer naar de kerk en zondagsschool. Door het werk van mijn vader zijn wij diverse malen verhuisd. In 1954 zijn wij naar Sittard gekomen. Hier heb ik nog 5 maanden op de Gustaf Hoeferschool gezeten. In 1965 ben ik getrouwd met Herman Hofmeyer in het Gruizenkerkje, voorganger was Ds Coolsma bij wie ik ook belijdenis van het geloof heb afgelegd. Wij werden gezegend met twee zonen, Herm en Bart nu 48 en 45 jaar oud. Beiden hebben gestudeerd en wonen ook in Beek, hebben elk 2 kinderen, 3 meisjes en 1 jongen, oudste 18 en jongste 12 jaar. Herman is helaas niet zo oud geworden en in 2013 op 73 jarige leeftijd in een verpleegkliniek overleden. Ik ben dus al 7 jaar weduwe, alleen maar niet eenzaam. De kinderen en kleinkinderen komen mij regelmatig bezoeken. Ik bezoek ook alleenstaande ouderen en doe boodschappen, samen een spelletje doen, een praatje maken en ondersteun ze ook bij huishoudelijke problemen. Ze zijn zo dankbaar en dat geeft veel voldoening.

Welke opleidingen volgde je en welk werk doe/deed je?
BERT: Na de basisschool en Atheneum in Echt ben ik Scheikunde gaan studeren aan de Technische Universiteit in Eindhoven. Daar ben ik later ook gepromoveerd. Via DSM ben ik bij SABIC terechtgekomen en daar werk ik nu bij de afdeling Corporate Sustainability. Mijn werk gaat over duurzaamheid van onze productieprocessen en producten en ik ben bijvoorbeeld bezig met het verminderen van het energieverbruik van onze fabrieken in Europa en recycling van plastic afval ter vervanging van onze klassieke producten die uit aardolie worden gemaakt. Beide projecten moeten op termijn leiden tot een klimaatneutraal SABIC waarmee we de klimaatverandering een halt toe willen roepen.
BEA: Na de lagere school volgde ik een middelbare schoolopleiding, na afloop gaf ik aan verder te willen studeren ik wilde graag sociaal-maatschappelijke werkster worden. Dit was een 4 jarige opleiding in Eindhoven. "Niet nodig" zei mijn vader, "meisjes hoeven niet te studeren, weggegooid geld". Zelfs mijn klassenleraar Dhr. Haverkamp kon hem niet overtuigen. Eerst een jaar thuis blijven om het huishouden te leren ,koken wassen strijken etc. daarna mag ze een baantje zoeken. Op 17-jarige leeftijd ben ik als administratief medewerkster bij het Limburgs Dagblad gaan werken, vervolgens bij Burda Moden, Rabobank Nederland en Uitgeverij Janssen Pers in Gennep. Ik heb aan het wiegje gestaan van het "Zondagsnieuws". Na 23 dienstjaren ben ik als regiomanager Limburg gepensioneerd. Bij al deze bedrijven heb ik aanvullende cursussen gevolgd. Het meest trots ben ik op het behaalde diploma management 1 en 2, temeer omdat ik hier twee jaar wekelijks voor naar Apeldoorn moest. Bij de komst van de kinderen ben ik 4 jaar thuis gebleven, toen de jongste naar de peuterspeelzaal mocht ben ik weer full-time gaan werken.

Wat betekenen geloof en kerk voor je? Hebben zich daarin veranderingen voorgedaan?
BERT: Het Rooms-katholieke geloof waar ik mee ben opgevoed heb ik na mijn 25e “ingeruild” voor het Protestantse geloof. Van een ceremonieel geloof werd dat toen meer en meer een geloof dat praktische waarde heeft voor mijn dagelijkse leven. De overwegingen in de Protestantse diensten hebben mij laten zien dat veel oude verhalen uit de bijbel nog steeds actueel zijn en dat ze je kunnen helpen om van een heel andere kant naar de gebeurtenissen in de wereld te kijken. Dat voedt mijn hoop dat we ooit samen in vrede op deze aarde kunnen leven.
BEA: Kerk betekent voor mij een plek van rust en bezinning samen zijn met geloofsgenoten, naar
het woord van God luisteren en mooie psalmen en gezangen zingen. Het geloof ben ik nooit kwijt geraakt, in de periode van ziekte en overlijden van mijn man heeft het zich alleen maar verdiept. In die periode heb ik altijd steun en houvast gevonden bij God.

Doe je vrijwilligerswerk in de kerk?
BERT: Momenteel ben ik penningmeester van onze samengevoegde PGMBD en daarvoor was ik dat al dertien jaar bij de Sittardse Protestantse Gemeenten. Daarvoor heb ik vijf jaar de financiële administratie gedaan. Daarnaast heb ik nog wat werk in verschillende commissies gedaan zoals recent voor de keuze van het gezamenlijke kerkgebouw en soms wat kleine klusjes.
BEA: Toen ik in 1965 in Beek kwam wonen ben ik al snel vrijwilligerswerk gaan doen, o.a. voor Actie Kerkbalans en ik heb enkele jaren in de Kerkenraad gezeten. Pas in 2010 ben ik weer actief vrijwilligerswerk gaan doen. Eerst in de Diaconie en daarna ook in de Kerkenraad. Door het samengaan ben ik nu nog alleen lid van het College van Diakenen.

Wat zijn je passies/hobby’s?
BERT: In zekere zin is mijn werk ook mijn passie want ik maak me best bezorgd over de klimaatverandering waar we midden in zitten en die ons allemaal uiteindelijk kan beïnvloeden. Mijn werk geeft me echter concreet de kans daar wat aan te doen en ik geloof ook zeker dat ik een klein stukje kan bijdragen aan de benodigde transitie. Ik lees ook graag boeken over veranderingen in de maatschappij. Enerzijds in de geschiedenis en anderzijds over veranderingen die er aan zitten te komen. Verder speel ik soms op mijn keyboard en bezoek graag een museum of op vakantie mooie steden.
BEA: Mijn passie is voor mijn kinderen/kleinkinderen en familie. We hebben allen een goede en sterke band met elkaar. Hobbys: ik wandel dagelijks minimaal 10 km. Ik heb in 2018 en 2019 de Mont Ventoux beklommen. De derde keer is i.v.m. Corona niet gelukt. Ik kook graag, lees veel boeken, tijdschriften en dagelijks 2 kranten. Ook ga ik nog graag op reis (heb ik veel gedaan) vakantie en cultuurreizen.

Corona houdt ons al bijna een jaar in de greep. Hoe ga je er mee om, wat doet het met je en hoe denk je over vaccinatie? 
BERT: Corona en de quarantaine heeft zeker mijn werk beïnvloedt. Ik werk momenteel volledig vanuit huis. Op zich kan ik mijn werk nog steeds goed doen maar mijn dagen zitten nu vol met videovergaderingen en ik mis het “echte” contact met mijn collega’s. Op dit moment moet ik zelfs het praatje na het weekend inplannen, maar ook in video vergaderingen mis je de normale menselijke interactie wat het “samen-“werken lastiger maakt. Ook mijn privéleven is flink veranderd. We zien mijn ouders en onze kinderen nog wel regelmatig maar daar houdt het momenteel op om de risico’s op infectie zo klein mogelijk te houden. Ik mis de afspraken met vrienden, verjaardagen met familie, bezoek aan een museum en zelfs dat ik samen met Monica op zaterdag de boodschappen in de stad doe. Ik laat me zeker vaccineren hoewel ik ook wel snap dat er veel mensen zijn die zich daar wat onzeker over voelen. Vanwege mijn opleiding begrijp ik een klein beetje wat zo’n vaccin doet en maak me minder zorgen over bijwerkingen. De belangrijkste reden om me te laten vaccineren is het belang voor de mensen om me heen. Als veel mensen zich laten vaccineren kunnen we het virus pas echt goed afremmen en worden we als groep immuun.
BEA: We hebben er veel en nog steeds van geleerd: omzien naar elkaar hulp en aandacht voor ouderen en eenzame mensen. Ook de jeugd heeft het moeilijk, zij missen de contacten met leeftijdsgenoten, sport, school etc. De ouderen hebben al het een en ander meegemaakt en kunnen met deze tegenslag wat makkelijker omgaan. Ik hou mij aan de regels meer kan ik niet doen. Ik laat mij zeker vaccineren om mijzelf en anderen te beschermen. Het zal nog wel even duren voor we weer een normale kerkdienst kunnen houden en daarna onder het genot van koffie/thee kunnen bijpraten. Maar het gaat zeker goed komen!

Welke vraag is niet gesteld en zou je toch graag beantwoorden? Doe dat dan bij deze.
BERT: De samenvoeging van de twee Protestantse Gemeenten was een proces van vallen en opstaan, en zelfs nu we één gemeente zijn is het samengaan nog volop in gang. Er zijn verschillen tussen de twee gemeenten en tot nu toe vielen die vaak het meeste op. Ik hoop van harte dat we steeds meer de overeenkomsten gaan zien als basis voor de PGMBD.

Onder redactie van Willy de Koning

laatste update.: 29-01-2021