PGS

ZWO

printen

NICO TER LINDEN

23-02-2018

Op 28 januari jl. overleed de Amsterdamse dominee Nico ter Linden. Zelfs in de journaals werd melding gemaakt van zijn overlijden. Dat overkomt maar weinig predikanten. Maar ja, Nico ter Linden genoot dan ook grote bekendheid. Allereerst heeft hij naam gemaakt als predikant van de Amsterdamse Westerkerk. Vele jaren had hij een eigen column in het dagblad "Trouw". Hij kwam regelmatig op de televisie met een eigen programma. Hij zegende het huwelijk in van leden van het koninklijk huis. Hij was voor alles de persoon die mooie verhalen kon vertellen. In de eerste plaats Bijbelse verhalen. Maar ook over alledaagse situaties en ontmoetingen met mensen in alle soorten en maten.

Bijna 20 jaar lang was hij als predikant verbonden van de Westerkerk aan de Amsterdamse Prinsengracht. In die periode woonde ik in de Jordaan, op steenworp afstand van dit monumentale kerkgebouw. Een enkele keer (het liefst ging ik toch naar mijn eigen wijkkerk) stapte ik op zondagmorgen wel eens de kerk binnen om een dienst bij te wonen van ds. Ter Linden.
Als je aan de late kant was, moest je genoegen nemen met een plaatsje achter een pilaar, zodat je dominee niet zag, maar wel kon horen. En deze predikant kon je inderdaad horen. Hij wist je te boeien. Met zijn voordracht (hij kreeg begeleiding van niemand minder dan de actrice Cox Habbema) en zijn inhoud.

Of zoals de Volkskrant naar aanleiding van zijn overlijden schreef “Want in de kerk, met haar hoge gewelven en galmende akoestiek, moet de voorganger zich fysiek en verbaal groot maken. Hij moet recht doen aan het 'ijzersterke script' van de Bijbel. En aan de onovertroffen vertelkunst van zijn auteurs”.
Velen hebben Nico ter Linden leren kennen als schrijver van de zesdelige serie “Het verhaal gaat”, waarin hij de verhalen van de Bijbel opnieuw vertelt en uitlegt. Zelf noemde hij zijn Bijbelse hervertelling: een kinderbijbel voor volwassenen. Voor hem wortelen de Bijbelse verhalen weliswaar in de historie maar daarom zijn het nog geen historische verhalen. Of zoals hij het zelf ooit uitdrukte: “Wat in de Bijbel staat is wel waar, maar niet echt gebeurd”.

Het ging hem om de diepere lagen van de verhalen. Om de emoties die je aantreft bij mensen: hun angsten en verdriet, maar ook hun vertrouwen en vreugde. Hun zoeken naar een bestemming, hun relatie met God. Hun reis door het leven. Keer op keer wist hij je te verrassen door een eigen invalshoek te geven van de Bijbelse verhalen zodat je die verhalen met andere ogen ging bekijken.
 
Om een voorbeeld te geven, het dochtertje van Jaïrus ziet ter Linden als een meisje met eetproblemen, die waren veroorzaakt door het feit dat haar vader haar klein wilde houden. Ter Linden zegt over dat verhaal uit Marcus 5: “Mijn dochtertje noemt Jaïrus haar, het klinkt dierbaar en het is ook dierbaar, maar bezitterig is het óók. Er is een ouderlijke zorg die kinderen onvrij maakt en hen verhindert volwassen te worden. Dan blijf je `het dochtertje van`. Je wordt nooit van jezelf, en dus wordt het ook moeilijk je aan een ander te binden. Je raakt in de knoop, met je leven, met je lijf, met de liefde”. (Het verhaal gaat, deel II, blz. 64).
 


De boodschap van ter Linden lijkt dan ook te zijn dat niet de dochter maar de vader genezen moet worden. Even verderop schrijft hij: Jaïrus moet in zekere zin ophouden vader te zijn, want dan alleen kan zijn dochter ophouden dochtertje van Jaïrus te zijn.
Als hij kan ophouden dwingend te vaderen, kan zij ophouden dwingend te dochteren. En of hij dat zal kunnen, is, zo lijkt het verhaal te zeggen, en kwestie van geloof.  Met andere woorden, waarom heb je je dochter zo bang gemaakt? Zij is een kind van God, Jaïrus, en alleen als je haar aan God kunt `teruggeven` zal zij kunnen leven. Het arme kind kan gewoon geen stap doen – als de dood is ze voor het leven. Vrees niet, Jaïrus, geloof”.
 
Ter Linden benadrukt met name de symbolische, zo je wilt de psychologische kant van de Bijbelse verhalen. Hij wil met zijn uitleg de Bijbel vooral menselijk en toegankelijk maken. Iemand zei: Het was zijn verdienste dat hij de Bijbel aan velen teruggegeven heeft.
Hij heeft het in zijn boeken, preken en columns zo weten te brengen, dat mensen van nu zich herkenden in de Bijbelse mensen van toen. Daarin lag zijn kracht en originaliteit.

Bij het maken van preken grijp ik vaak ook even naar “Het verhaal gaat”, altijd benieuwd naar wat Ter Linden over het betreffende Bijbelgedeelte te zeggen heeft. En ik geef toe, dat ik ook graag zo nu en dan een gedachte van hem overneem.
Pier Prins

laatste update.: