PGS

ZWO

printen

SAMEN IN HET NIEUWE JAAR, SAMEN DOOR HET LEVEN

06-01-2018

Er staat een mooi verhaal in de bijbel, door Jezus verteld aan zijn toehoorders, over een vader met twee zonen. De jongste zoon wil van het leven genieten, neemt een voorschot op zijn erfenis (zijn vader gaat daarin mee) en gaat op pad. Genietend en flierefluitend. Maar, het geld raakt op, zijn nieuwe "vrienden" verdwijnen aan de horizon en de jongen raakt aan lager wal. En hij besluit om terug te keren naar huis, heel nederig, want hij beseft dat hij niet zoveel rechten meer kan doen gelden op zijn positie.

We kennen het verhaal. De vader van deze jongen staat op de uitkijk, wie weet al hoe lang, en als de jongen zegt dat hij het niet meer waard is om zijn zoon te heten, opent de vader alleen maar zijn armen, met een hart vol liefde en ontferming, en bereidt hij een groot feest.
 
Een vader met twéé zoons. De oudste, die gewoon thuis was gebleven, maar niet eens zo van harte, zo blijkt, die ziet dit allemaal gebeuren en wordt flink jaloers. En hij spreekt zijn vader daarop aan, waarom krijgt híj, die klaploper zoveel, terwijl ik altijd dienstbaar ben geweest. En de vader antwoordt dan: ach kind, jij was altijd al samen met mij..
 
Een prachtig verhaal, een gelijkenis, zoals dat heet, met heel wat diepere lagen, je raakt er niet snel over uitgedacht. Die vader dat is natuurlijk Godzelf, die uit liefde een kind laat gaan, die uit liefde het kind weer verwelkomt en die uit liefde hoopt dat beide zoons zich kunnen openen naar hem toe, en naar elkaar toe.
 
Samen. Dat was het mooie thema van de dag van de dialoog, die in Sittard-Geleen afgelopen november in de moskee van Geleen werd gehouden. Ik was gevraagd om wat vanuit mijn eigen protestantse context te vertellen en begon mijn bijdrage met dit bijbelverhaal. Daar kwam ik niet zomaar op. De week daarvoor had het geklonken in een bijzondere en historische viering die ik meemaakte, 31 oktober 2017. Ik was uitgenodigd om aanwezig te zijn in de Domkerk in Utrecht waar 500 jaar reformatie werd gevierd als afsluiting van een heel jaar van vieringen, lezingen, bijeenkomsten, gesprekken en  tentoonstellingen, om de betekenis van dit moment in de kerkgeschiedenis naar boven te halen.
 
Ik vertelde het interreligieuze gezelschap in de moskee hoe op 31 oktober 1517 de monnik Maarten Luther een beweging op gang bracht binnen zijn kerk die een grote impact had. En dat het toen ook bleek dat de tijd rijp was voor verandering, op kerkelijk vlak en op sociaal/cultureel vlak. Maar dat deze beweging ook pijnlijke gevolgen had en pijnlijke tegenstellingen aan het licht bracht. In de viering in de Domkerk, waar overigens ook de koning aanwezig was, was daarvoor gelukkig ook volop aandacht. En dat was goed. Want samen vieren en gedenken, kun je alleen als je ook samen de pijnpunten benoemt en erkent.
 
Wat mijzelf raakte in die viering was het met elkaar kúnnen vieren, samen kunnen zijn van gelovigen uit verschillende richtingen (de protestantse en katholieke richting), op basis van de bron waar we samen uit putten:
Ons geloof in God, hoe persoonlijk en verschillend ook en de rijke bron van de bijbelse verhalen. En uit het verhaal van de vader met zijn twee zoons, bekend als: de gelijkenis van de verloren zoon, kwam naar ons allemaal de mooie boodschap: God ziet naar ons om, in liefde. Dat werd ook benoemd als de ‘ontdekking’ van de monnik Maarten Luther, in een tijd waarin helletaferelen geschilderd werden door Jeroen Bosch, en er behoorlijk wat angst bestond: de bijbel leert ons niet over een oordelende God, maar een liefdevolle God. Voor Luther was dat een bevrijding.
 

En bevrijding doet iets met je, doet iets met je zelfbeeld, maar ook met het beeld dat je van anderen hebt. Er is nog wel eens wat ‘bevrijding’ nodig in de manier waarop we naar elkaar kijken, naar onze verschillende manieren van zijn, onze verschillende manieren van doen, onze verschillende manieren van geloven..
 
Het was de vader uit het verhaal er alles aan gelegen om de verbinding weer tot stand te brengen. Daar kwam veel liefde bij kijken, geen blinde liefde, maar wel een soort van liefde met ruimte voor eerlijkheid en vergeving.
 
Dat vind ik een mooi godsbeeld: een God die verbinding zoekt met mensen en voor die verbinding mensen dus ook nodig heeft. En mijn godsbeeld hangt dan samen met mijn mensbeeld: een mens komt het beste tot zijn of haar recht wanneer de verbinding, wanneer het samen beleefd wordt.
Dat is dus niet een aan elkaar voorbij lopen, maar er samen iets van maken. Daar ook moeite voor doen, omdat je elkaar ziet zitten, elkaar in het oog hebt, elkaar hoog houdt.  Omdat we allemaal maar gewoon ‘mens’ zijn en proberen wat van ons leven te maken.
 
Laten we dat dan vooral samen doen, was mijn wens voor die avond en is ook mijn wens voor ons allemaal, voor dit nieuwe jaar dat net begonnen is. En dan hoop ik en bid ik dat dit een rijke uitstraling mag hebben.
 
Hartelijke groet van Irene Pluim

laatste update.: