PGS

ZWO

printen

VRIJHEID EN KWALITEIT VAN LEVEN

04-10-2017

De geluiden, die we op dit moment in onze maatschappij te horen krijgen, zijn op een bepaalde manier tegenstrijdig. Aan de ene kant staat de vrijheid van meningsuiting, waarbij alles gezegd mag worden. Aan de andere kant worden mensen buitengesloten of gekwetst. Aan de ene kant geldt de gelijkheid en vrijheid van elk individuele mens. Aan de andere kant is niet iedereen welkom en worden de principes van gelijkheid en vrijheid niet op iedereen toegepast. De -soms harde- toon maakt duidelijk, dat we in groepen denken: "wij-zij", "boven-beneden", "gelijk-anders". Het lijkt er op alsof wij mensen elkaar de ruimte niet gunnen. Onze focus ligt op onze verschillen en niet op wat we met elkaar gemeen hebben. Daardoor missen we samenhang en verbinding. Mijn vraag is: Hoe kunnen we daarmee omgaan als we geloven in God en Jezus willen navolgen op zijn weg van naastenliefde?

 
Heel wat jaren geleden heeft Wil Derks zich verdiept in de regels van Benedictus: Een monnik uit 1e helft van de zesde eeuw. Zijn vertaalslag naar de huidige tijd heeft Derks vastgelegd in zijn boek: ‘Een levensregel voor beginners’. Volgens Derks is de belangrijkste benedictijnse levensregel het luisteren! Het betekent met elkaar praten en met elkaar overleggen. Door aandachtig te luisteren komen we tot resultaat. Het gaat om luisteren naar onszelf, naar God en naar de ander. Een andere regel is om alles met aandacht te doen, zonder dat we ons af laten leiden. Daar hoort bij de regel van stabiliteit (of betrouwbaarheid) in de dingen waar we betrokken zijn. Bij de regel van verandering (of ommekeer) gaat het er om elke dag aan verbetering te werken. En dan is er nog de regel van gehoorzaamheid, dat we elkaar gehoor geven. En daarmee zijn we terug bij het luisteren. Maar er is ook iets dat NIET mag: onszelf verwaarlozen of te veel vragen van onszelf, want dan kunnen we ons niet meer op een positieve manier tot de ander richten. En mopperen mag niet, want dat berust vaak op gebrekkig luisteren naar elkaar, vertroebelt visie, tapt energie af en tast het hart aan. Belangrijk aspect van spiritualiteit is in contact blijven met God en met de bronnen van waarde.
 
Met de levensregels wil Benedictus bij ons bevrijding bereiken en onze geestelijke groei bevorderen. Maar is vrijheid niet juist dat we geen algemene regels meer hoeven te volgen en alles zelfstandig bepalen? Als we het hebben over vrijheid ’van’, dan is dat zo. Dan is vrijheid geen rekening houden met dingen en personen, die ons in onze ontwikkeling en mogelijkheden beperken of ons bedreigen. Maar er is ook een vrijheid ‘voor’. Dan moeten we ons los maken van onszelf, zodat we ruimte maken, open staan en rekening houden met dingen en mensen om ons heen. Op het moment dat we onzeker zijn of bang, gaat dit niet vanzelf. Het vraagt de nodige moeite om te (blijven) groeien in vrijheid door aandachtig te luisteren.
 
Maar zijn we er dan, als we deze regels strikt in acht nemen? Uiteindelijk gaat het niet zozeer om regels, die aangeven wat we wel of niet mogen of moeten doen. Het gaat om ons inzicht in de bedoeling achter de regels en om onze houding, waarmee we de regels naleven. Deze levensregels bevorderen onze geestelijke groei en onze vrijheid. We geven ruimte aan de liefde, bevorderen het leven en verhogen de kwaliteit van (samen)leven.

In welke richting moeten we dan denken? Met vragen, die we ons stellen, geven ook richting aan onze gedachten. We kunnen ons de vraag stellen: ‘Hoe kunnen we zorgen voor een goede kwaliteit van leven voor onszelf en voor de mensen, die bij ons leven horen?’ Dat is een terechte vraag. Maar deze vraag houdt ons niet tegen om de vraag ook ruimer te stellen: ‘Wat kan ons helpen om tot een betere kwaliteit van samenleven te komen?’ Hoe ruimer ik mijn vraag stel, hoe méér komt de ander in zicht. Hoe méér de ander in zicht komt, hoe méér gaat het om wat ons met elkaar verbindt. Hoe méér samenhang ontstaat, hoe beter de kwaliteit van (samen)leven en hoe méér genieten we samen van onze vrijheid.
 
Als we ons door de Geest van God op dit punt eensgezind laten maken, dan zal dat ten goede komen aan de kwaliteit van leven van ons allemaal. Dit vind ik in de woorden van de profeet Ezechiël (11,19.20), waar God zegt: ‘Ik zal hen eensgezind maken en hun een nieuwe geest geven; ik zal hun versteende hart uit hun lichaam halen en hun er een levend hart voor in de plaats geven. Dan zullen ze mijn wetten gehoorzamen en mijn regels in acht nemen’. En ik vind dit bij Jezus, die regelmatig laat zien hoe hij aandacht heeft voor mensen die werden buitengesloten. B.v. De blinde Bartimeüs (Marcus 10,46-52), de zieke Samaritaan (Lucas 17,11-19), de kanaänitische vrouw (Matteüs 15,21-26). Vanuit ons geloof zijn we er op gericht om onze vrijheid te verbinden met kwaliteit van leven en samenleven.
 
Hartelijke groeten,   
ds. Joachim Stegink

laatste update.: